Arabica en Robusta

Koffiebessen groeien net zoals hop en druiven aan planten en bestaan in allerlei variëteiten. Temperatuur, zonuren, regenval, windpatroon, hoogtemeters en bodem bepalen ook hier grotendeels het smaakprofiel. Slechts twee variëteiten worden op grote schaal geteeld: coffea arabica en coffea canephora, beter gekend als Arabica en Robusta. Samen beslaan ze 99% van de totale wereldproductie. Beide soorten behoren tot de grotere Rubiaceae familie.

De Arabica soort kan worden onderverdeeld in twee variëteiten die aan de basis liggen van honderden mutaties. Een eerste variëteit, genoemd naar ‘gewone’ koffie heet Typica. Aangenomen wordt dat deze variëteit in de 17e eeuw vanuit Jemen en via Nederland verspreid werd over de hele wereld.

Bourbon is de andere variëteit die op Bourbon Island (nu Réunion) werd ontdekt en is een natuurlijke mutatie van Typica.

Prijs

In vergelijking met de Arabica’s bevatten de Robusta’s tot 5x meer cafeïne, zijn ze goedkoper en gemakkelijker te telen, zijn ze beter resistent tegen ziektes en hebben ze een vrij beperkt en bitter smaakprofiel. Ze worden vooral gebruikt voor instantkoffies, automatenkoffie en in melanges om de prijs te drukken.

Als branders beperken we ons bij Monx tot de verwerking van specialty arabicakoffie omdat we naast de topkwaliteit ook de transparantie van het hele proces waarderen. Hun prijs wordt niet bepaald door de beurs, maar door kwaliteit en zeldzaamheid. Ze vormen slechts 1% van de totale wereldkoffieproductie.

Pure smaak

Waar de ‘traditionele’ koffie voornamelijk bekend is voor zijn stimulerende effecten, is specialty koffie eerder bekend om een gevarieerd, edel en complex product, dat net zoals wijn en bier de smaakpapillen steeds opnieuw verwent met een pure smaak.

Deel deze post
Labels
Onze blogs
De herkomst van koffie en Monx